Financiën

Waar staat de ChristenUnie - SGP voor?

Ontwikkelingen en uitgangspunten

Er is een trend in de samenleving waarneembaar dat van de overheid steeds meer wordt gevraagd om richting mondige burgers en een controlerende gemeenteraad verantwoording af te leggen. Keuzes en de verantwoording van die keuzes moeten helder worden gepresenteerd, zoals het  een goede rentmeester betaamt. Dat moet echter niet leiden tot een verkrampte overheid die zich verontschuldigt voor elke euro die besteed wordt. Kwaliteit in de publieke sector mag geld kosten. Het is een kwestie van prioriteiten stellen. De ChristenUnie-SGP wil een overheid die op een verantwoorde manier omgaat met het gemeenschapgeld.

Betrouwbaar en transparant beheer

Transparante verantwoording in een dualistische verhouding

De jaarlijkse Planning & Control cyclus van voorjaarsnota, meerjarenbeleidsbegroting en jaarrekening met accountantsverklaring biedt voldoende momenten om beleid te evalueren en inzichtelijk te maken waar de middelen aan besteed worden.

Voordat (grote) projecten worden gestart of investeringen worden gedaan moet eerst een gedegen onderzoek plaatsvinden naar de financiële haalbaarheid en risico’s. Het gemeentebestuur hoort bovendien inzicht te geven in de relatie tussen inhoudelijke en financiële voortgang van projecten. Geen plannen gaan uitvoeren voordat men voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat alle kosten gedekt zijn uit de opbrengsten (geen onrendabele top of open-einde financiering) en/of de gewenste resultaten kunnen worden bereikt.

Het college van B&W moet heldere, meetbare doelstellingen opnemen in haar beleid. Dit om enerzijds helder haar ambitie richting de burger te presenteren en zich anderzijds ‘afrekenbaar’ richting gemeenteraad te kunnen opstellen. Beleid hoort geëvalueerd te worden.

Gemeentefonds en gemeentelijke heffingen

De publieke middelen die gemeenten ter beschikking staan, komen via het Rijk uit het gemeentefonds en uit belastingen die het gemeentebestuur zelf heft. Het gemeentebestuur heft volledig en juist belasting, controleert de besteding en maakt aan haar burgers duidelijk waar zij het belastinggeld aan besteedt. De hoogte van de OZB (Onroerende Zaak Belasting) en andere gemeentelijke heffingen wordt niet hoger vastgesteld dan strikt noodzakelijk om tot een sluitende begroting te komen voor de uitvoering van de overheidstaken. Daarbij wordt een consistente gedragslijn gevolgd, om te voorkomen dat burgers voor onplezierige financiële verrassingen komen te staan.

Daar waar mogelijk moet het gemeentebestuur haar tarieven kostendekkend maken. Regels hieromtrent moeten rechtvaardig en duidelijk zijn en niet te gemakkelijk misbruikt kunnen worden.

Het gemeentebestuur moet met betrekking tot de gemeentelijke heffingen een ruimhartig minimabeleid voeren.

Subsidiëring

Mensen moeten de mogelijkheid hebben om zich te ontwikkelen en te ontplooien. Het particulier initiatief staat hierbij voorop. Waar nodig kan dit particulier initiatief echter gesteund worden door de gemeente. Met subsidies moet wel voorzichtig worden omgesprongen. Belangrijk is dat de te subsidieren activiteiten een breed draagvlak hebben. Verder mogen de activiteiten niet in strijd zijn met de wet en de christelijke normen. De subsidieontvangers moeten gemaakte afspraken nakomen. Als ze dat niet doen, moeten ze daar een sanctie voor krijgen en/of het gekregen geld terugbetalen. Ook is het van belang dat burgers gestimuleerd worden om eerst zelf aan fondsenwerving te doen voordat ze bij de gemeente aankloppen. Dit zou gestimuleerd kunnen worden door bovenop elke door de burger zelf verkregen euro een subsidie te verlenen.